Wat is het verschil tussen fysieke en synthetische trackers?
Wat is het verschil tussen fysieke en synthetische trackers?
Het fundamentele verschil tussen fysieke en synthetische trackers, ook wel ETF's (Exchange Traded Funds) genoemd, ligt in de methode die zij gebruiken om een onderliggende index te volgen. Fysieke trackers beleggen direct in de effecten die de index vormen, terwijl synthetische trackers de prestaties van een index nabootsen met behulp van financiële derivatencontracten. Dit onderscheid heeft invloed op de risico's, de transparantie en de efficiëntie van het index volgen.
Fysieke trackers kopen de daadwerkelijke aandelen of obligaties die deel uitmaken van de index die zij volgen. Er zijn twee hoofdvormen van fysieke replicatie:
- Volledige replicatie: De tracker koopt alle effecten in de index in dezelfde verhouding als de index zelf. Dit zorgt voor een zeer nauwkeurige weergave van de indexprestaties, wat resulteert in hoogwaardige index tracking.
- Sampling: Bij indexen met veel effecten, zoals brede wereldwijde aandelenindexen, koopt de tracker een representatieve selectie van de effecten. Dit is een variatie op de fysieke replica en vermindert transactiekosten, maar kan leiden tot een iets grotere afwijking van de index.
Een variant van fysieke trackers is die waarbij de aanbieder aan 'securities lending' doet. Hierbij worden de aangehouden effecten uitgeleend aan derden, wat extra inkomsten kan genereren, maar ook een tegenpartijrisico introduceert als de lener de effecten niet kan terugleveren.
Synthetische trackers daarentegen, beleggen niet direct in de onderliggende effecten. In plaats daarvan gebruiken zij afgeleide producten, zoals swaps, om de prestaties van de index na te bootsen. De tracker sluit een contract af met een financiële tegenpartij (meestal een bank) die belooft het rendement van de index te leveren in ruil voor het rendement van een onderpandmandje. Dit betekent dat de tracker de koers van de index volgt via deze contracten.
Een belangrijk voordeel van synthetische ETF's is dat zij gemiddeld een lagere 'tracking error' hebben dan fysieke ETF's. Dit betekent dat het rendement van de synthetische tracker de index vaak nauwkeuriger volgt. Echter, synthetische trackers introduceren een tegenpartijrisico: als de financiële instelling die de swap levert failliet gaat, kan de tracker zijn indexprestaties mogelijk niet volledig leveren.
In het verleden hebben trackeraanbieders in Europa soms de verkeerde technische keuze gemaakt door synthetische trackers te gebruiken in plaats van fysieke aandelen of obligaties. Dit heeft geleid tot discussies over de risico's en transparantie van deze producten. Hoewel de regelgeving en de structuren sindsdien zijn verbeterd, blijft het tegenpartijrisico een kenmerk van synthetische constructies.
De belangrijkste verschillen zijn hieronder samengevat:
| Kenmerk | Fysieke Tracker | Synthetische Tracker |
|---|---|---|
| Volgmethode | Directe aankoop van indexeffecten | Gebruik van derivaten (bijv. swaps) |
| Onderliggende bezittingen | Werkelijke aandelen, obligaties of andere effecten | Contracten met een financiële tegenpartij, gedekt door onderpand |
| Tracking Error | Kan hoger zijn, afhankelijk van replicatiemethode | Gemiddeld lager |
| Belangrijkste risico's | Marktrisico, operationeel risico, (optioneel: tegenpartijrisico bij securities lending) | Marktrisico, tegenpartijrisico (van de swap-uitgevende partij) |
| Transparantie | Hoog (portfolio is direct inzichtelijk) | Lager (afhankelijk van swapstructuur en onderpand) |