Is forfaitair hetzelfde als fictief?
Is forfaitair hetzelfde als fictief?
Ja, in de fiscale context zijn de termen 'forfaitair' en 'fictief' rendement synoniem. De Belastingdienst gebruikt beide begrippen door elkaar om hetzelfde principe aan te duiden: een vastgesteld, verondersteld rendement waarop belasting wordt geheven, in plaats van op het daadwerkelijk behaalde rendement. Dit is met name relevant voor de inkomstenbelasting in Box 3 in Nederland.
De begrippen 'forfaitair rendement' en 'fictief rendement' verwijzen naar een berekend, niet-werkelijk behaald rendement dat de Belastingdienst hanteert voor de heffing van inkomstenbelasting over vermogen. Het doel hiervan is om een vereenvoudigde en objectieve grondslag te creëren voor de belastingheffing, waarbij niet gekeken wordt naar de individuele resultaten van een belastingplichtige.
De Belastingdienst maakt bijvoorbeeld in Box 3 gebruik van dit principe. Hierbij wordt belasting geheven over een fictief rendement, niet over het werkelijke rendement dat u met uw spaargeld of beleggingen behaalt. Dit forfaitaire rendement is een vastgesteld percentage dat jaarlijks wordt bepaald. Het wordt berekend op basis van de waarde van uw 'overige bezittingen' op 1 januari van het belastingjaar. Het fictieve rendement wordt vervolgens belast tegen het Box 3-tarief.
Misvatting: belasting op werkelijk rendement
Een veelvoorkomende misvatting is dat de Belastingdienst belasting heft over het werkelijk behaalde rendement op vermogen. Dit is niet het geval. De heffing vindt plaats over het veronderstelde, forfaitaire rendement. Dit systeem heeft in het verleden tot discussie geleid, met name omdat het fictieve rendement in Box 3 tot 2022 als te hoog werd ervaren voor spaarders. Zij behaalden vaak een veel lager werkelijk rendement dan het door de Belastingdienst veronderstelde rendement.
Om de berekening van het forfaitaire rendement te verduidelijken, volgt hier een historisch voorbeeld:
- Vastgesteld percentage: Voor het belastingjaar 2023 was het forfaitaire rendement op 'overige bezittingen' vastgesteld op 6,04 procent.
- Berekening: Stel, u had op 1 januari 2023 een vermogen van €100.000 aan overige bezittingen. De Belastingdienst ging dan uit van een fictief rendement van 6,04% over dit bedrag. Dit betekende een verondersteld rendement van €6.040 (€100.000 6,04%).
- Belastingheffing: Over dit bedrag van €6.040 werd vervolgens de Box 3-belasting geheven, ongeacht of u daadwerkelijk 6,04% rendement had behaald, meer of minder.
De Belastingdienst blijft forfaitaire rendementen gebruiken, en de wijze van vaststelling kan jaarlijks wijzigen. Voor 2025 wordt het forfaitair fictief rendement in Box 3 nog steeds vastgesteld op basis van de waarde van overige bezittingen op 1 januari van het belastingjaar en belast tegen het dan geldende Box 3-tarief.