Hoe sluit ik een optiehandel?
Hoe sluit ik een optiehandel?
Een optiehandel sluit je op drie primaire manieren: door de optie te verkopen, terug te kopen, of door de optie uit te oefenen. Welke methode van toepassing is, hangt af van je initiële positie – of je de optie hebt gekocht (long) of verkocht (short) – en of het een call- of putoptie betreft. Het doel is altijd om je positie af te wikkelen, winst te realiseren of verlies te beperken.
De meest gangbare manier om een optiepositie af te wikkelen is door een tegenovergestelde transactie uit te voeren op de markt. Als je een optie hebt gekocht, wordt dit een verkooptransactie genoemd. Heb je bijvoorbeeld een long call optiepositie, dan sluit je deze door de optie te verkopen. Dit geldt ook voor een long put optiepositie. De opbrengst van de verkoop bepaalt je winst of verlies, minus de initiële premie en transactiekosten.
Wanneer je een optie hebt verkocht (een short positie), sluit je de handel door de optie terug te kopen. Voor een short call optiepositie koop je de optie terug op de markt. Dit annuleert je verplichting om de onderliggende waarde te leveren. Op dezelfde manier sluit je een short put optiepositie door de putoptie terug te kopen, waarmee je de verplichting om de onderliggende waarde af te nemen beëindigt. Het verschil tussen de ontvangen premie en de terugkoopprijs, minus transactiekosten, bepaalt je resultaat.
Een derde manier om een optiepositie af te sluiten is door de optie uit te oefenen. Deze optie is alleen beschikbaar voor de koper van de optie (de long positie) en gebeurt normaal gesproken alleen wanneer de optie 'in-the-money' is, wat betekent dat de optie waarde heeft. Het uitoefenen van een optie vindt in de praktijk meestal plaats op de laatste dag van de looptijd. Als koper van een calloptie krijg je dan het recht om de onderliggende waarde te kopen tegen de uitoefenprijs, terwijl de koper van een putoptie het recht krijgt om de onderliggende waarde te verkopen tegen de uitoefenprijs. In de meeste gevallen kiezen beleggers er echter voor om een in-the-money optie te verkopen in plaats van uit te oefenen, omdat dit vaak eenvoudiger en kosteneffectiever is.
Hieronder een overzicht van de gangbare methoden om een optiepositie te sluiten:
| Type positie | Actie om te sluiten | Toelichting |
|---|---|---|
| Long Call (gekochte calloptie) | Verkopen | Je verkoopt de gekochte calloptie terug op de markt. |
| Short Call (verkochte calloptie) | Terugkopen | Je koopt de eerder verkochte calloptie terug om je verplichting op te heffen. |
| Long Put (gekochte putoptie) | Verkopen | Je verkoopt de gekochte putoptie terug op de markt. |
| Short Put (verkochte putoptie) | Terugkopen | Je koopt de eerder verkochte putoptie terug om je verplichting op te heffen. |
| Koper (in-the-money optie) | Uitoefenen of verkopen | Als de optie waarde heeft, kun je deze uitoefenen (meestal op expiratiedag) of verkopen. |
Een geavanceerde strategie om een optiehandel af te wikkelen is het doorrollen van een optiepositie. Dit houdt in dat je een bestaande optiepositie sluit en tegelijkertijd een nieuwe optiepositie opent met een andere uitoefenprijs of expiratiedatum. Dit gebeurt via twee simultane transacties, vaak uitgevoerd als een spread-order of combinatie-order. Doorrollen wordt meestal toegepast om een positie te verlengen of om de uitoefenprijs aan te passen aan veranderende marktverwachtingen, zonder de onderliggende waarde te verhandelen.