Hoeveel Nederlandse huishoudens beleggen in Nederland?
Hoeveel Nederlandse huishoudens beleggen in Nederland?
Bijna 2 miljoen Nederlandse huishoudens beleggen in Nederland, volgens gegevens uit de Consumentenmonitor Beleggen van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) uit 2021. Dit aantal vertegenwoordigt een aanzienlijk deel van de totale 8,1 miljoen huishoudens in Nederland in dat jaar, wat de toenemende betrokkenheid bij beleggen onderstreept.
De AFM Consumentenmonitor van 2021, waaruit deze cijfers afkomstig zijn, benadrukt dat Nederlandse huishoudens actieve beleggers zijn. Het percentage huishoudens dat in 2021 belegde, komt neer op ongeveer 24,7% van het totale aantal Nederlandse huishoudens (bijna 2 miljoen van de 8,1 miljoen). Dit geeft aan dat ongeveer één op de vier huishoudens in Nederland financiële middelen inzet op de kapitaalmarkt. Om de schaal van deze activiteit te illustreren, kunnen we een hypothetisch rekenvoorbeeld hanteren. Stel dat een gemiddeld beleggend huishouden in Nederland een bedrag van €10.000 investeert. Dan zou het totale geschatte bedrag dat door de bijna 2 miljoen huishoudens in 2021 belegd werd, neerkomen op ongeveer €20 miljard (2.000.000 huishoudens vermenigvuldigd met €10.000 per huishouden). Dit is een illustratief voorbeeld, aangezien de daadwerkelijke individuele beleggingsbedragen sterk variëren.
Een specifiekere blik op beleggingsactiviteiten toont aan dat in 2015 ongeveer 970.000 huishoudens zich bezighielden met direct beleggen. Direct beleggen betekent dat huishoudens zelf hun beleggingen beheren, zonder tussenkomst van bijvoorbeeld pensioenfondsen of levensverzekeraars. Dit kwam destijds neer op 13 procent van het totale aantal huishoudens.
Om een completer beeld te schetsen van beleggende huishoudens in Nederland, zijn hier enkele kerncijfers:
- In 2021 belegden bijna 2 miljoen Nederlandse huishoudens (bron: AFM Consumentenmonitor).
- Het totale aantal Nederlandse huishoudens bedroeg in 2021 8,1 miljoen (bron: AFM Consumentenmonitor).
- In 2015 hielden 970.000 huishoudens zich bezig met direct beleggen (bron: AFM).
- Dit aantal van 970.000 huishoudens vertegenwoordigde in 2015 13 procent van het totale aantal huishoudens dat zelf belegde, zonder tussenkomst van pensioen of levensverzekering (bron: AFM).
- 3,1 miljoen huishoudens die momenteel niet beleggen, hadden in 2022 voldoende spaargeld om verantwoord te kunnen beleggen (bron: AFM).
- Van de beleggende huishoudens belegt 26 procent in individuele buitenlandse aandelen (bron: AFM).
De groei in beleggingsdeelname onder Nederlandse huishoudens wordt duidelijk wanneer we de cijfers vergelijken. In 2015 belegden 970.000 huishoudens direct. Dit kwam overeen met 13% van het totale aantal huishoudens in dat jaar, wat neerkomt op ongeveer 7.461.538 huishoudens (970.000 gedeeld door 0,13). Tegen 2021 was het totale aantal huishoudens in Nederland gestegen naar 8,1 miljoen. In datzelfde jaar belegden bijna 2 miljoen huishoudens op enige wijze.
Dit betekent dat het percentage beleggende huishoudens is gestegen van 13% in 2015 (direct beleggend) naar ongeveer 24,7% in 2021 (totaal beleggend: 2.000.000 gedeeld door 8.100.000, vermenigvuldigd met 100%). Deze stijging van bijna 12 procentpunten in zes jaar tijd illustreert een groeiende trend van financiële participatie onder Nederlandse huishoudens.
Naast de huidige beleggerspopulatie is er ook een aanzienlijk potentieel voor verdere groei. Uit onderzoek van de AFM uit 2022 blijkt dat 3,1 miljoen huishoudens die momenteel niet beleggen, wel voldoende spaargeld bezitten om verantwoord te kunnen starten met beleggen. Dit segment vertegenwoordigt een belangrijke groep voor toekomstige ontwikkelingen op de Nederlandse beleggingsmarkt. Voor meer informatie over beleggingsmogelijkheden en -risico's kunt u terecht op onze pagina over beleggen.