Hoe werken CCP's?
Hoe werken CCP's?
Centrale Tegenpartijen (CCP's) functioneren door zich als intermediair tussen koper en verkoper te plaatsen, waardoor ze het tegenpartijrisico in financiële transacties aanzienlijk verminderen. Ze doen dit door de oorspronkelijke handelsovereenkomst te vervangen door twee nieuwe contracten, één met de koper en één met de verkoper, en vragen daarbij om zekerheden in de vorm van onderpand.
Een centrale tegenpartij (CCP) plaatst zich tussen koper en verkoper om tegenpartijrisico’s te verminderen, zoals beschreven door DNB. Dit betekent dat de CCP in elke transactie zowel de koper als de verkoper wordt. Door deze constructie ontstaat er geen directe financiële relatie meer tussen de oorspronkelijk handelende partijen, wat de markt overzichtelijker maakt.
Dit proces wordt juridisch vormgegeven door 'novatie'. Novatie vervangt de oorspronkelijke overeenkomst tussen twee partijen door twee afzonderlijke contracten: één tussen de koper en de CCP, en één tussen de verkoper en de CCP. Hierdoor neemt de CCP de verplichtingen van beide partijen over.
De operationele werking van een CCP omvat verschillende stappen:
- Handelsverificatie: De CCP controleert de details van de transactie om zeker te zijn van de correctheid.
- Verrekening (Netting): De CCP berekent en consolideert de netto posities van haar deelnemers. Dit vermindert de totale openstaande positie in de markt, een proces dat ook wel multilaterale nettering wordt genoemd volgens DNB.
- Marginverplichtingen: De CCP vraagt zekerheden in de vorm van onderpand van haar deelnemers. Dit onderpand, ook wel 'margin' genoemd, dient als buffer tegen mogelijke verliezen mocht een deelnemer zijn verplichtingen niet nakomen.
Om de impact van een CCP te illustreren, kan men twee scenario's vergelijken:
Zonder CCP: Handelende partij A verkoopt aan partij B. Als partij B failliet gaat voordat de transactie is afgewikkeld, loopt partij A het volledige tegenpartijrisico en kan deze zijn geld of effecten verliezen.
Met CCP: Handelende partij A verkoopt aan partij B. De CCP stapt ertussen. Partij A heeft nu een contract met de CCP, en partij B heeft een contract met de CCP. Als partij B failliet gaat, is het de CCP die het risico draagt en de verplichtingen van partij B moet overnemen. De CCP gebruikt hiervoor het gestorte onderpand en haar eigen vangnetten. Partij A wordt door de CCP gecompenseerd, waardoor het risico voor A significant daalt.
Een veelvoorkomende misvatting is dat CCP's het tegenpartijrisico volledig elimineren. In werkelijkheid transformeren en centraliseren CCP's dit risico. Hoewel ze het risico voor individuele marktdeelnemers verminderen door novatie en onderpandvereisten, concentreren ze een deel van dit risico bij zichzelf. Dit vereist dat CCP's robuuste risicomanagementsystemen en voldoende financiële buffers hebben om hun rol als 'spil in het financieel systeem' te kunnen vervullen, zoals DNB benadrukt.