Doen bankaandelen het goed bij inflatie?
Doen bankaandelen het goed bij inflatie?
Bankaandelen presteren goed in de beginfase van een periode waarin inflatie en rentes beginnen op te lopen, vooral wanneer dit gepaard gaat met economisch herstel. Deze positieve trend is echter van korte duur, aangezien bankaandelen geen effectieve bescherming bieden tegen een verder oplopende of snel toenemende inflatie.
In een economie die herstelt en waar inflatie en rentes geleidelijk stijgen, kunnen bankaandelen inderdaad aantrekkelijk zijn voor beleggers. De hogere rentes die banken kunnen vragen voor leningen, in combinatie met een groeiende vraag naar krediet door economische activiteit, kunnen leiden tot een verbeterde winstgevendheid. Dit positieve effect treedt echter voornamelijk op in de initiële fase van een inflatoire periode, wanneer de economie zich nog aanpast aan de nieuwe omstandigheden.
Een veelvoorkomende misvatting is dat bankaandelen altijd een goede bescherming bieden tegen inflatie. Hoewel ze in de vroege stadia van oplopende inflatie en rentes kunnen profiteren, bieden bankaandelen geen goede bescherming tegen verder oplopende inflatie. De initiële voordelen worden snel tenietgedaan wanneer de inflatie een hoger tempo aanneemt of langer aanhoudt dan verwacht. Dit komt doordat de kosten voor banken, zoals operationele kosten en de financieringskosten van hun eigen vermogen, ook stijgen door inflatie, wat de winstmarges onder druk zet.
Het rendement op het eigen vermogen van banken vertoont zelfs een duidelijk negatief verband met inflatie. Dit betekent dat naarmate de inflatie toeneemt, het rendement op het eigen vermogen van banken daalt. Banken blijken hun winstgevendheid onvoldoende te kunnen verbeteren om een forse en snelle toename van de inflatie volledig te compenseren. Bovendien lijden de koers-winstverhoudingen van banken onder een stijgende inflatie, wat de aantrekkelijkheid van de aandelen verder vermindert voor beleggers die op zoek zijn naar waardegroei.
Een snel oplopende inflatie is vooral ongunstig voor 'klassieke' banken die een groot hypothecair kredietboek hebben. Deze banken hebben vaak langlopende leningen uitstaan tegen vaste rentes, terwijl hun financieringskosten (bijvoorbeeld via spaargeld of de interbancaire markt) sneller stijgen met de inflatie. Dit creëert een mismatch die hun winstgevendheid onder druk zet, vooral als de rentemarge op deze langlopende activa niet snel genoeg kan worden aangepast.
De prestaties van bankaandelen bij inflatie zijn dus sterk afhankelijk van de aard en het tempo van de inflatie. We kunnen de situatie onderscheiden in verschillende scenario's:
- Milde, beginnende inflatie met economisch herstel: In deze fase profiteren bankaandelen. De rentemarges verbeteren door hogere leenrentes en een gezonde kredietvraag, wat leidt tot een toename van de winstgevendheid.
- Aanhoudende of matig oplopende inflatie: Hier beginnen de nadelen de voordelen te overtreffen. De stijgende operationele kosten en financieringskosten voor banken eroderen de winsten, en het rendement op eigen vermogen daalt.
- Snelle en forse inflatie: Dit scenario is duidelijk negatief voor bankaandelen. De winstgevendheid kan niet voldoende verbeterd worden om de inflatie te compenseren, de koers-winstverhoudingen staan onder druk en vooral banken met veel langlopende, vastrentende activa (zoals hypotheken) worden hard geraakt.